Leesplezier als geheime wapen om ontlezing tegen te gaan

Nikki houdt boek De wijze lessen van een twintiger vast
Foto gemaakt door: Femke Meijboom

Wanneer je het begrip ontlezing opzoekt, kom je al snel de betekenis tegen. Die betekenis luidt als volgt: ‘Ontlezing is het minder lezen van boeken, kranten en tijdschriften door de bevolking in het algemeen. Dit verschijnsel doet zich voor door de opkomst van nieuwe, elektronische media.’ Wanneer je verder zoekt, kom je er al snel achter dat ontlezing vooral een fenomeen onder jongeren is.

Zo blijkt ook uit onderzoek van Stichting Lezen. Maar liefst 44% van de Nederlandse jongeren geeft aan lezen niet leuk te vinden of er zelfs een hekel aan te hebben. Behoorlijk zorgwekkend deze cijfers, aangezien dus bijna de helft van de Nederlandse jongeren aangeeft dat een boek ‘niet veel aan is’ of zelfs ‘vreselijk saai’ is. Vanuit mijn werk als schrijver én gastdocent, zou ik zeggen dat leesplezier dé sleutel is tot het tegen gaan van ontlezing.

Maar toch geen leesplezier

Mevrouw Klaver, docent binnen het voortgezet onderwijs, denkt daar duidelijk anders over. Hetzelfde geldt voor mevrouw van Dijk, hoogleraar Moderne Letterkunde aan de Universiteit Leiden. Dat bleek wel uit hun opiniestuk dat afgelopen week in de Volkskrant verscheen, waarbij ze ‘leesplezier’ onder jongeren maar een nutteloze investering vinden en boeken die jongeren zelf graag lezen als pulp bestempelen.

Voordat ik in mijn eigen opiniestuk aangeef waarom ik wél denk dat leesplezier het geheime wapen tegen ontlezing is, wil ik eerst zeggen dat ik het niet volledig oneens ben met alles wat in dit opiniestuk wordt benoemd.

Seksistisch én racistisch

Veel Nederlandse boeken hebben een seksistisch en racistisch tintje, waarbij de hoofdpersoon regelmatig een witte jongedame met lang blond haar en blauwe ogen is. Een jongedame die ondergeschikt is aan de mannelijke personages in het boek, met alle gevolgen van die ondergeschiktheid van dien. Maar dat zijn niet per se jeugdboeken die dit soort tinten hebben. De Nederlandse literatuur kan er ook behoorlijk wat van, Turks Fruit, ik kijk naar jou. Ook naar de boeken van Ronald Giphart. We kunnen nog wel even doorgaan.

In het opiniestuk melden Klaver en van Dijk dat dit soort boeken als fastfood voor de geest dienen en dat het niet helpt bij de ontwikkeling van mooie lezers. Het zou volgens de vrouwen beter zijn dat jongeren échte (jeugd)literatuur voorgeschoteld krijgen zodat ze een goede verbeeldingskracht ontwikkelen. Boeken over maatschappelijke thema’s, relaties en emoties.

Met dat laatste ben ik het helemaal eens – zoals ik al eerder een soort van zei: ik ben ervan overtuigd dat de rol van lezen een sterk verband houdt met het ontwikkelen van zelfvertrouwen, waarden en normen. Ik ben het er ook mee eens dat het goed zou zijn dat we nog meer boeken voor jongeren uitgeven waar diversiteit, racisme en bijvoorbeeld de invloeden van het digitale tijdperk meer naar voren komen.

Leeslijst door de strot

Maar waar ik het dan niet mee eens ben is dat de vrouwen van dit opiniestuk beweren dat je een goede verbeeldingskracht niet met leesplezier kan bereiken. Ik was zelf een fervent lezer, totdat ik een leeslijst door mijn strot geduwd kreeg. Het plezier in het lezen werd er volledig uitgeboord, met als gevolg dat ik na de middelbare school maar een treurig lees- en schrijfniveau erop nahield en dit pas verbeterde toen ik weer besloot te lezen. Toen ik besloot te lezen wat ik wilde lezen, waar ik enthousiast over was.

Ik ben sowieso van mening dat we in onze maatschappij veel te veel voor elkaar willen bepalen wat goed en/of fout is. Er moet altijd een schuldige aangewezen worden, die vervolgens faliekant aan de schandpaal genageld wordt. Die schuldige is volgens Klaver en van Dijk in dit geval de pulp die de Nederlandse jeugd zelf kiest. Die vrijheid heeft de Nederlandse jeugd namelijk, zij mogen kiezen welke boeken zij goed vinden en graag lezen, dankzij De Jonge Jury.

Leesbevorderingscampagne

De Jonge Jury is een initiatief gefinancierd door Stichting Lezen en stimuleert dus leesbevordering met als geheime wapen leesplezier. Jongeren mogen zélf de boeken uitkiezen die zij graag lezen en raden die boeken vervolgens ook aan andere jongeren aan. Tot grote afschuw van Klaver en van Dijk, want die boeken zouden dus allemaal pulp zijn. Daar heb ik nog wat over te zeggen;

  1. Hoe fijn is het, dat we jongeren leren dat zij zelf keuzes mogen maken en dat hun mening ertoe doet? Dat we dus niet meer alleen kijken naar wat wij als volwassenen denken dat goed is en dat we jongeren structureel een stem geven? We weten al jaren dat de kloof tussen jongeren en volwassenen groot is en dat er meer mét in plaats van over jongeren gesproken moet worden.
  2. Waarom is er altijd een groepje mensen dat neerkijkt op de kunst die geproduceerd is door een ander? Zou creativiteit in de vorm van het schrijven van boeken, niet een mogelijkheid moeten zijn tot uiting en ontspanning? Waarom moet dat altijd op een manier gaan zoals de literaire elite voor zich ziet? Zoals ik bij punt één al aangaf, het is allang gebleken dat die kloof tussen jongeren en de elite errrug groot is. Hoe kunnen zij dan beoordelen wat goed is voor jongeren?

Verdwijnt zo in de kast

Volgens mij hebben we binnen de Nederlandse jeugdliteratuur (waaronder ik dus ook YA-boeken schaar) nog veel te winnen op het aankaarten van maatschappelijke thema’s. Om jongeren ook dát beeld mee te geven en jongeren te stimuleren zichzelf te ontwikkelen door het lezen van een boek. Maar het is heel leuk dat je jongeren dwingt boeken te lezen op de middelbare school, maar als zij nooit een gevoel voor leesplezier hebben ontwikkeld, zal dat plezier niet lang voortduren.

Dan verdwijnt het idee van een boek lezen al snel in de kast. Leer jongeren liever zelf eigen keuzes te maken in wat voor boeken ze willen nuttigen. Op die manier stimuleer je ook de ontwikkeling van een eigen kijk op literatuur, kunst en cultuur. Of is dat juist het doel? Van jongeren zoveel mogelijk dezelfde persoonlijkheden kweken? Volgens mij zijn we dat stadium allang gepasseerd.

Meer lezen over dit onderwerp?

Pioniers op het gebied van jeugdliteratuur en leesplezier schreven en zeiden er ook nuttige dingen over. Zoals bijvoorbeeld Chinouk Thijssen tijdens een radio-interview met mevrouw Klaver. Daarnaast schreef ook Carlie van Tongeren een opiniestuk voor de Volkskrant als tegenreactie.

Delen:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *